Dit is een verzameling van een
aantal info files en tips.
Aanvullingen, correcties en nieuwe onderwerpen zijn altijd welkom.
1.
GAMEPORT MIDI AANSLUITING
2.
MUZIEK VANAF DE PLATENSPELER OPNEMEN MET DE PC
3.
ROOKMELDERS IN HUIS 4.
OPHANGBEUGELS VOOR LCD EN PLASMA TV
1.
GAMEPORT MIDI AANSLUITING Hoe sluit ik
mijn (muziek)keyboard aan op mijn computer?
Aansluiten:
- We gaan er hier van uit, dat je gebruik maakt van een
speciale verbindingskabel van gameport (of joystick aansluiting) naar
MIDI in en uit (twee Din pluggen).
Sluit de beide midikabels van de midi-in uit van je computer aan op je
keyboard (of een ander MIDI apparaat).
De Midi-out van je PC gaat naar de MIDI-in van je keyboard midi-device,
en andersom.
Let op: het opschrift op de beide midipluggen op je gameportkabel (IN
resp. OUT) kan verwarring geven. Dat betekent dat je de IN op de Out
van je keyboard aansluit (IN is in dat geval de Midi-IN van je
geluidskaart), maar als er niks gebeurt zou ik de pluggen eens
omdraaien (plug IN op de IN van je keyboard).

Van PC naar MIDI apparaat:
- Controleer eerst of je geluid hoort als je een midifile afspeelt in
Windows, zonder dat je keyboard er aan hangt. Als dat niet zo is, los
dat dan eerst even op in Windows, je PC-boxen, je versterker, etc.
Zorg dat die poort goed geïnstalleerd is (kijk in
apparaatbeheer van Windows)
Om te zien of je aansluitingen goed zijn kun je het volgende doen: Laat
je computer weten dat hij de gewone midifiles moet afspelen via je
keyboard in plaats van via de geluidskaart.
Windows 98: Ga hiervoor naar configuratiescherm,
multimediasettings en selecteer bij het tabblad Midi de juiste
midi-out.
Windows XP: Start , Instellingen , Configuratiescherm ,
spraak geluid en geluidsapparaten , Geluiden en audioappraten , tabblad
audio , onderste vakje is voor midi, kies hier de juiste midi-out.
Voorbeeldnamen van een midi-out (verschilt per geluidskaart): Midi-out,
midi-2, MPU401-OUT, gameport out, etc.
Als je dan via Windows de midifile afspeelt gaat de midi-info naar je
keyboard (Als het geluid nog uit je PC-speakers komt, heb je niet de
goede uitgang te pakken). Je keyboard moet je instellen op
Multitimbraal of GS/GM/XG-mode (kijk dit even na in de
gebruiksaanwijzing van je keyboard/midi-device), zodat het ook de 16
midikanalen tegelijk kan ontvangen.
Van MIDI apparaat naar PC:
Om op te nemen heb je software nodig, die inkomende midisignalen
opneemt. Bij de geluidskaart wordt vaak een dergelijk programma
meegeleverd. Andere mogelijkheden zijn programmas als Cubase, Logic,
programmas van Magix, etc.
De meeste software werkt met sporen; per spoor neem je de
midi-informatie van je keyboard op en speel je het later weer af via de
geselecteerde midi-out. Dit hoeft nu niet meer de midi-out van Windows
(hierboven) te zijn; afhankelijk van de software kun je elke
geluidsbron (geluidskaart, extern keyboard) aansturen.
Dan kun je nog een probleempje tegen komen: als je op je keyboard
speelt, hoor je als het goed is de geluidsbron via je software (dus de
geluidskaart of je keyboard) én je keyboard zelf nog een
keertje, omdat je toetsen óók het geluid
doorsturen naar de geluiden in je keyboard. Je kunt de rechtstreekse
verbinding tussen je toetsen en de geluiden van je keyboard
uitschakelen via de instelling Local Off. Zoek ook weer even in de
gebruiksaanwijzing van je keyboard waar die instelling zit.

2. MUZIEK VANAF DE PLATENSPELER
OPNEMEN MET DE PC
"Oude" langspeelplaten zelf op cd zetten ?
Dat kan, hoewel het over het algemeen een tamelijk
tijdrovende klus is. Wat is hier voor nodig:
Platenspeler
+ platen
PC met
geluidskaart
De computer dient te zijn voorzien van een
geluidskaart met de mogelijkheid om analoog geluid naar digitaal om te
zetten. Geluidskaarten zijn er in allerlei kwaliteiten en
prijsklassen. Bijvoorbeeld de bekende en voordelige
Soundblaster Live kaart is voor gemiddeld gebruik goed geschikt en
heeft een acceptabel ruis- en vervormingsnivo. Andere
(betere) middenklasse kaarten zijn de Audigy van Creative, kaarten van
Terratec, Hoontech en Ego-Sys.
Het is wel belangrijk om de beste instellingen uit te zoeken.
Vooral oversturing van het ingangssignaal (pieken) geeft een extreme
vervorming . Experimenteren met de instellingen is nodig.
Voorversterker Het
pickup-element van een platenspeler kan niet rechtstreeks op de ingang
van een geluidskaart of mengpaneel worden aangesloten. Ten
eerste is er vanwege de lage uitgangsspanning een extra versterking
nodig, maar ook dient de frequentiekarakteristiek aangepast te worden
door een speciale filterschakeling, de zogeheten RIAA-compensatie. Tussenschakeling
van een speciale voorversterker is hier noodzakelijk. De
lijnuitgang hiervan
gaat dan naar de computer/geluidskaart-lijningang. Wij
hebben in ons assortiment dergelijke voorversterkers met RIAA correctie:
 
Software Er
is ook software nodig, maar die zal vaak al met de kaart worden
meegeleverd. Voorbeelden van speciale harddisk
recordingprogrammas zijn GoldWave en het veelzijdige Magix Music
Studio. Professionelere programmas zijn SoundForgeWaveLab.
Deze programmas hebben veel editing-mogelijkheden en filters tot hun
beschikking, zoals uitgebreide equalizerfuncties, ruisfiltering, extra
galm en verbetering van het stereobeeld. Goedkoper kan het
ook met het gratis open-sourceprogramma Audicity.
Een vinyl-LP heeft vaak bijgeluiden zoals ruis en tikken. Er
zijn speciale software programmas om dit te corrigeren zoals Clean van
Steinberg en het nog goedkopere Magix Cleaning Lab Deluxe. Om
uiteindelijk de muziek op een cd te branden is ook software nodig,
zoals Easy CD Creator of Nero.

3. ROOKMELDERS IN HUIS
Info over optische rookmelders:
De optische rookmelder is
een rookmelder met foto-elektrische cel en is ontworpen om rook te
detecteren die wordt waargenomen in de behuizing. De rookmelder
detecteert geen gas, hitte of vuur. De rookmelder is ontworpen om in
een vroeg stadium een alarmsignaal te geven bij het ontstaan
van brand. Het gebruik van deze rookmelder kan er voor zorgen dat er
geen kostbare tijd verloren gaat bij het ontstaan van brand.

WAAR
ROOKMELDERS TE PLAATSEN:
• Installeer een rookmelder in de ruimte voor elk vertrek .
• Installeer een rookmelder op elke verdieping . •
Installeer een rookmelder in elke slaapkamer.
• Installleer een rookmelder aan ieder uiteinde van de hal,
indien deze
langer is dan 12 meter.
• Installeer een rookmelder in iedere ruimte waar geslapen
wordt. Als de deur gedeeltelijk of geheel gesloten is bestaat de
mogelijkheid dat men niet
gealarmeerd wordt door het alarm in een andere ruimte.
• Installeer een rookmelder aan de onderzijde van het
trappenhuis van het
souterrain.
• Installeer een rookmelder aan de
bovenzijde van het trappenhuis van de eerste naar de tweede verdieping.
• Installeer additionele rookmelder in uw huis-, eet-,
familiekamer,
zolder en opslagruimtes.
• Installeer rookmelders zo
dicht mogelijk in het midden van het plafond. Indien dit praktisch is,
plaats dan de rookmelder op het plafond maar minimaal 50cm van
de muur af.
• Indien een ruimte een
schuin aflopend plafond of puntdak heeft, probeer dan de rookmelder
horizontaal te monteren op een hoogte van 90cm, gemeten van
het hoogste punt.
WAAR
ROOKMELDERS NIET TE PLAATSEN:
Een ongewenst alarm wordt veroorzaakt wanneer rookmelders op een plaats
gemonteerd worden waar deze niet optimaal kunnen functioneren. Om een
ongewenst
alarm te voorkomen mag een rookmelder in de volgende situaties niet
geplaatst
worden;
• Verbrande deeltjes zijn de bijproducten van
iets dat brandt. Als gevolg hiervan mogen rookmelders dus, bij
voorkeur, niet
in een keuken geplaatst worden waar optimale ventilatie niet mogelijk
is, om zodoende een ongewenst alarm te voorkomen. Plaatsing
wordt ook niet aanbevolen in een garage waar uitlaatgassen kunnen
vrijkomen of in de buurt van een vuurhaard, boiler of CV
installatie.
• Plaats rookmelders minimaal 6 meter
verwijderd van bronnen die verbrande deeltjes kunnen uitstoten, zoals
bijvoorbeeld
in een keuken. Indien de rookmelder niet op een minimale afstand van 6
meter geplaatst kan worden, zorg er dan voor dat de ruimte
goed geventileerd wordt.
• Plaats geen rookmelder in
een vochtige omgeving zoals een badkamer. Vocht kan neerslaan op de
detector en veranderen in condens. Dit veroorzaakt een
ongewenst alarm. Installeer de rookmelder op minimaal 3 meter afstand
van de badkamer.
• Plaats geen rookmelder in
een koude of warme ruimte. Indien de temperatuur onder of boven de
werkingstemperatuur komt, zal de rookmelder niet optimaal
functioneren.
• Plaats geen rookmelder in een stoffige of vieze ruimte. Stof
en vuil kunnen
neerslaan op de detector en deze overgevoelig maken. Ook is
het mogelijk dat vuil en stof de openingen van de rookmelder blokkeren
en zodoende de detector ervan weerhouden rook te detecteren.
• Plaats geen rookmelder in de omgeving van ventilatoren of
air
conditioning. Luchtstromen kunnen rook van de rookmelder
verdrijven.
• Plaats geen rookmelder bovenin een
puntdak of in hoeken tussen het plafond en de muur. Door bepaalde
circulatie van luchtstromen zal rook de rookmelder niet kunnen
bereiken.
• Plaats geen rookmelder in ruimtes die
geteisterd worden door insecten. Wanneer een insect in de rookmelder
binnendringt
zal deze een ongewenst alarm veroorzaken. Verwijder de insecten op
plaatsen waar men een rookmelder wenst te plaatsen.
• Plaats geen rookmelder in de omgeving van fluorescerend
licht.
Elektrische ruis van fluorescerend licht kan een ongewenst
alarm veroorzaken. Plaats de rookmelder op een minimale afstand van 1,5
meter.

4. OPHANGBEUGELS VOOR LCD EN PLASMA
TV Er zijn diverse
typen ophangbeugels verkrijgbaar.
Let bij de keuze
van een ophangbeugel vooral op: - het maximale gewicht dat de
beugel kan dragen - moet de beugel kunnen kantelen of draaien -
de afstand tussen de bevestigingsgaten op de achterzijde van uw
toestel. Soms is deze afstand volgens de VESA norm.
Uitleg VESA norm: Door
VESA zijn de bevestigingspunten op het LCD- of plasmascherm
gestandaardiseerd. U kunt hierdoor exact bepalen welke
monitorarm of ophangsysteem geschikt is voor uw LCD- of plasmascherm. Dit
zijn de meest voorkomende VESA classificaties: *
VESA MIS-D 12”- 22,9” beelddiagonaal met
bevestigingsgaten 75x75mm en 100x100mm *
VESA MIS-E 23” – 30,9” beelddiagonaal,
200x50mm, 200x100mm, (200x200mm) *
VESA MIS-F 31” – 65” beelddiagonaal,
bevestigingsgaten in een variabel patroon, horizontaal max. 935 mm,
verticaal max. 512 mm op een vlakke achterzijde.


TITEL
tekstteksttekst

|